Over ‘vergane glorie’
Ik wil geen vergeten vrouw worden
“Ik heb mij aangeboden als de eerste de beste dilletant. Het is heel erg geweest, de mensen wilden mij gewoon niet. Iedereen spant tegen mij samen. Ik ben niet speelziek, maar ik heb nu weer lang genoeg uit mijn raam op de winkel van de Vana gekeken. En het huishouden gedaan, kopje-vuil, kopje-schoon. Ik heb altijd hard gewerkt en behalve circusartieste heb ik alles gedaan wat in ons vak maar mogelijk is. Tevreden ben ik nooit over mijzelf geweest. Altijd weer wilde ik beter en nóg beter. Tot er een moment komt, dat van het laatste grammofoonplaatje met Cor Lemaire aan de piano er maar acht werden verkocht. Dat was een teken aan de wand en Fientje maakt zichzelf niets wijs. Het is een ellende als je vroeger jong en mooi bent geweest, als je succes hebt gehad en de wereld aan je voeten heeft gelegen. Vergane glorie. En toch wil ik er bij horen, ik wil geen vergeten vrouw worden.”
Geciteerd uit: Het Vrije Volk, Jan Liber 26 augustus 1964